|
Brussel, 12 februari 2008
Er zou een ruime politieke consensus bestaan om de wet op de handelsvestigingen –de zogenaamde Ikea-wet- over te hevelen naar de regio’s. Dat staat vandaag in De Tijd. Handelsorganisatie Fedis verzet zich tegen regionalisering. Daar zijn 3 argumenten voor: regionale vertegenwoordigers worden vandaag al verplicht geraadpleegd voor vergunningen van winkelpanden boven 1000 m², regionalisering brengt voor winkelketens extra administratieve overlast mee, en regionalisering zal tot een gedifferentieerde aanpak leiden in Vlaanderen en Wallonië. Fedis vraagt dat de federale wet behouden blijft.
De krant De Tijd meldt dat Yves Leterme het Comité der Wijzen gisteren voorgesteld heeft om de handelsvestigingswet over te hevelen naar de regio’s. Daar zou ook al een ruime politieke consensus over bestaan.
Handelaarsorganisatie Fedis blijft zich verzetten tegen een dergelijke regionalisering. De huidige handelsvestigingswet geeft de gemeenten meer inspraak. Bij vergunningen boven 1000 m² moeten die vandaag verplicht ook het advies inwinnen van het Nationaal Distributiecomité. Daarin zetelen onder andere provinciale en regionale vertegenwoordigers. De gemeenten volgen dat advies veelal. De inspraak van de regio’s is vandaag dus al gewaarborgd. Ook in de beroepsprocedure is dat het geval want het Interministerieel Distributiecomité telt ook een vertegenwoordiger van het betrokken gewest.
Een regionalisering van de wet betekent ook aanzienlijke administratieve overlast voor winkelketens met filialen over het hele land omdat men dan rekening zal moeten houden met 3 soorten wetgeving. Fedis berekende dat het vandaag al gemiddeld 18 maanden duurt vooraleer een ondernemer alle nodige vergunningen verzameld heeft om een winkel te kunnen bouwen. Elke verdere administratieve overlast moet dus vermeden worden.
Een regionalisering van de handelsvestigingswet leidt ook tot een gedifferentieerde aanpak in Wallonië en Vlaanderen. Als bijvoorbeeld Wallonië beslist om de inplanting van grote complexen langs de taalgrens aan te moedigen, zal Vlaanderen daar niets meer aan kunnen verhelpen. We krijgen dan een vergelijkbare situatie zoals vandaag langs de Frans-Belgische grens waar aan Franse kant een reeks van grote winkels gebouwd werd om Belgische klanten aan te trekken.
Tenslotte is er het hardnekkig misverstand dat de handelsvestigingswet de grotere complexen bevoordeelt ten nadele van de kleinere. 60% van de in 2006 vergunde winkels waren van kleinere zelfstandigen. De groei van het aantal kleinere proximiteitswinkels –meestal uitgebaat in franchise- gaat bovendien in stijgende lijn. België beschikt overigens over 92,2 m² shoppingcenter per 1000 inwoners. Het Europese gemiddelde is 176,4 m². Van een explosieve groei van grotere handelszaken is vooralsnog dus geen sprake.
De huidige federale handelswetgeving werkt en ze werkt goed. Fedis vraagt dat ze behouden blijft. Deze wet zal hoedanook, in uitvoering van de Europese dienstenrichtlijn, tegen eind 2009 moeten verdwijnen.
Arthur Goethals Voorzitter Fedis
Contact : Paskal Deboosere Communicatieverantwoordelijke Tel. : 02 788 05 00
|